Mohammed verbleef in Mekka bij zijn bezittingen. Na een aanslag op zijn leven vlucht hij de woestijn in. Daarbij verliest hij zijn bezittingen en het zicht op de Kaaba.
In 622 wordt Mohammed gevraagd te bemid-delen bij een conflict tussen stammen in Jatrib. Toen Mohammed daar aankwam kreeg deze plaats de naam Medina (al Nabi), stad van de profeet.
De eerste moskee werd gebouwd. De Koranische boodschappen uit deze periode veranderen van aard. Vanuit deze oaseplaats begon men zelf het zwaard tegen de Mekkanen te hanteren.